De landschappelijke en belevingswaarde van Archemermaten is hoog. Door de ligging in het dal van de slingerende Regge met de door runderen begraasde graslanden, hooilandjes, houtwallen en poelen ontwikkelen flora en fauna zich de laatste jaren goed. Herstel en ontwikkeling van hydrologie bepalen mede de kwaliteit.

Natuur

Door de grote verscheidenheid aan bloemrijke graslanden, aanwezigheid van struweel, houtwallen en poelen, het reliëf, de dynamische processen van de rivier is het gebied de laatste tientallen jaren veranderd van landbouwgebied in een divers natuurgebied. Dit levert met name voor fauna leuke succesen met nieuwe soorten zoals bever, otter, boomkikker, grauwe klauwier en oeverzwaluw. Ook is het een prachtig voorbeeld van een natuurlijk beheer waar diverse natuurlijke processen de vrije hand krijgen. Optimalisering van het hydrologisch systeem is hierbij onmisbaar.

Cultuurhistorie

De historische hooilanden langs de Regge zijn ontstaan het door vroegere landbouw activiteiten vanuit de esdorpen Archem en Lemele. Ondanks ontwikkelingen in de landbouw is de hoofdfunctie hooiland grotendeels gebleven. Dankzij landinrichting in de negentiger jaren is het kenmerkende landschap bewaard gebleven en kan het historische grondgebruik behouden blijven.

Natuurlijk landschap en prehistorie (<800 n. Chr.)

De basis van het gebied werd gelegd in de ijstijden, met stuwwallen (zoals de Lemelerberg) en later een dek van zand met hogere zandkoppen. Juist deze hogere zandkoppen langs de Regge waren al in de vroege steentijd aantrekkelijke woonplekken voor jagers-verzamelaars en later voor de eerste boeren. Archeologische vondsten bij Archem – zoals een benen harpoen, werktuigen van gewei en sporen van een Trechterbekernederzetting – laten zien dat hier al duizenden jaren wordt gewoond en gewerkt. De kans op archeologische resten op de hogere gronden langs de Regge is dan ook zeer groot.

Middeleeuws dorpslandschap (800–1850)

Vanaf circa 800 ontstaan buurtschappen als Archem en Lemele. Op de hogere dekzandruggen lagen boerderijen en akkers (essen), terwijl de lagere, natte delen langs de Regge werden gebruikt als hooilanden. De vrij meanderende Regge zorgde voor een nat beekdal met veel waterberging, maar ook voor terugkerende wateroverlast. In de 19e eeuw leidde dit tot grote problemen voor de landbouw. Daarom werden waterstaatkundige ingrepen gedaan, zoals de aanleg van de Matenwaterleiding, die kwelwater afvoerde en de hooilanden beter ontwaterde. Hiermee veranderde het natuurlijke watersysteem ingrijpend.

Recent landschap (1850–heden)

In de 19e eeuw werd de dekzandrug de Beltarend bebouwd en veranderde heide in akkerland, omzoomd door houtwallen. In het interbellum werd de Regge gekanaliseerd en rechtgetrokken, waardoor de natuurlijke rivierdynamiek grotendeels verdween. In de 21e eeuw is juist ingezet op herstel van die dynamiek door hermeandering. Daardoor zijn in het huidige landschap sporen zichtbaar van drie fasen: oude natuurlijke meanders, resten van de gekanaliseerde rivier en nieuw gegraven meanders. Het landschap is daarmee een leesbaar archief van natuurlijke processen én menselijk ingrijpen door de eeuwen heen.