Landschap Overijssel stelt de vergunningsaanvraag voor het beheer van de houtwallen aan weerszijden van de Nieuwe Twentseweg in Hellendoorn voorlopig uit. Aanleiding zijn de vragen en zorgen die in de omgeving leven over het voorgenomen hakhoutbeheer.

Prachtig

De stichting wil meer tijd nemen om de noodzaak van het beheer, de ecologische voordelen en de voorgestelde werkwijze toe te lichten. “Het is heel begrijpelijk dat mensen gehecht zijn aan het huidige beeld van de Nieuwe Twentseweg,” zegt directeur Hans Pohlmann van Landschap Overijssel. “De holle weg met de begroeide houtwallen oogt prachtig, is vertrouwd en is voor veel mensen van grote betekenis. Juist daarom is het belangrijk zorgvuldig uit te leggen waarom beheer nodig kan zijn en wat dit betekent voor het aanzicht van deze bijzondere plek. De zorgen uit de omgeving laten zien dat daar meer tijd en aandacht voor nodig is.”

Eeuwenoud groen erfgoed

De houtwallen langs de Nieuwe Twentseweg maken deel uit van het groene erfgoed van Twente. Eeuwenlang werden bomen en struiken periodiek afgezet. Uit de achterblijvende stronken, ook wel stoven genoemd, groeiden vervolgens nieuwe stammen. Omwonenden gebruikten het hout als brandstof en de schors onder meer voor het looien van leer. Deze oude beheervorm heeft ook grote ecologische waarde. Door hakhout regelmatig te verjongen, ontstaat variatie in leeftijd, hoogte en dichtheid van de begroeiing.

Behoud op lange termijn

“Juist die afwisseling maakt een houtwal aantrekkelijk voor veel verschillende soorten,” legt veldadviseur Martin Degen van Landschap Overijssel uit. “Jonge uitlopers, oudere bomen, zonnige plekken, dichte begroeiing en dood hout hebben allemaal hun eigen functie. Insecten, vogels en zoogdieren vinden er voedsel, beschutting en voortplantingsplekken.”

Periodiek beheer houdt bovendien de begroeiing op de houtwal vitaal. Zonder verjonging groeien de stammen steeds verder uit, neemt de leeftijdsvariatie af en kan het oorspronkelijke hakhoutkarakter uiteindelijk verdwijnen. “Hakhoutbeheer betekent niet dat alle begroeiing wordt weggehaald,” benadrukt Degen. “Het doel is juist dat de houtwal opnieuw uitloopt en ook op lange termijn behouden blijft.”

Veertig jaar geen hakhoutbeheer

Langs de Nieuwe Twentseweg is het hakhout naar schatting ongeveer veertig jaar niet meer afgezet. Daardoor zijn op de oude stoven grote en zware stammen ontstaan. Dat maakt de situatie wezenlijk anders dan bij hakhout dat nog regelmatig wordt beheerd.

“Bij een normale cyclus worden stammen eens in de tien tot vijftien jaar afgezet,” licht Degen toe. “Hier zijn de stammen veel ouder en dikker geworden. Dat brengt het risico met zich mee dat ze gaan uitscheuren en dat bomen omvallen. Meerdere zware stammen rusten op één wortelgestel, daar is zo'n gestel niet op berekend. Als we niks doen, gaan de bomen binnen tien, twintig jaar dood.”

Zorgvuldig onderzocht

Sinds 2024 onderzoekt Landschap Overijssel wat de beste aanpak is voor dat herstel. Daarbij hebben meerdere veldbezoeken plaatsgevonden met deskundigen en externe betrokkenen, onder wie vertegenwoordigers van de gemeente, een afvaardiging van de Bomenridders en een handhaver en ecoloog van de provincie Overijssel. “Elk veldbezoek heeft aanvullende inzichten opgeleverd,” licht terreinbeheerder Evert Dijk toe. “De situatie is complex en niet iedere ervaring of aanbeveling is rechtstreeks toepasbaar. Juist daarom brengen we de mogelijkheden en risico’s stap voor stap in beeld.”

Vraag om maatwerk

Een belangrijk aandachtspunt is de leeftijd en omvang van de stammen. Bij het afzetten van oudere stammen met een doorsnee van twintig tot dertig centimeter bestaat een reëel risico dat een stoof niet meer uitloopt. Op basis van ervaringen met vergelijkbare situaties kan gemiddeld ongeveer één op de drie stoven uitvallen. “Doordat het hakhout al tientallen jaren niet is afgezet, zijn de bomen veel groter geworden dan binnen een reguliere beheercyclus,” zegt de terreinbeheerder. “Dat maakt het herstelbeheer kwetsbaarder en vraagt om een andere, veel voorzichtigere aanpak.”

Niet alles tegelijk

Het risico op uitval kan niet volledig worden weggenomen. Volgens deskundigen kan het wel worden verkleind door gefaseerd te werken en niet alle stammen op een stoof tegelijk af te zetten. Ook kan op grotere hoogte en onder een hoek worden gezaagd. Daarmee krijgen nieuwe uitlopers meer kans en kan regenwater beter van het zaagvlak aflopen, waardoor het risico op inrotting afneemt. Wanneer stoven ondanks deze maatregelen uitvallen, geldt een herplantplicht.

Vitale houtwal

“Het gaat niet om één ingreep waarna het werk klaar is,” benadrukt de terreinbeheerder. “Het doel is om opnieuw een duurzaam beheersysteem op te bouwen. De jonge uitlopers moeten daarna eens in de tien tot vijftien jaar opnieuw als hakhout worden beheerd. Alleen dan blijft de houtwal vitaal en blijft het historische hakhoutkarakter behouden.” Voor een samenhangend ecologisch en landschappelijk resultaat is het volgens alle betrokken deskundigen bovendien belangrijk dat het beheer aan beide zijden van de weg gelijktijdig en volgens dezelfde uitgangspunten wordt uitgevoerd.

Ervaring op andere locaties

De mogelijke herintroductie van hakhoutbeheer is mede gebaseerd op ervaringen die Landschap Overijssel op andere locaties heeft opgedaan. In Noordoost-Twente is hakhoutbeheer bijvoorbeeld toegepast in het kader van het beheerplan voor het vliegend hert. Ook elders in Overijssel zijn oude hakhoutstoven opnieuw in beheer genomen, zoals bij Beerze. Daar werden in 2014 oude stoven afgezet. Enkele van de meest vitale stoven zijn afgelopen winter opnieuw afgezet, waarna de twijgen weer fris uitliepen. “Dat laat zien dat oude stoven opnieuw vitaal kunnen uitlopen,” aldus terreinbeheerder Dijk.

Uitgesteld

De afgelopen periode is duidelijk geworden dat er in de omgeving nog veel vragen leven over het voorgenomen beheer en de gevolgen voor het huidige aanzicht van de weg. Daarom dient Landschap Overijssel de vergunningsaanvraag voorlopig niet in. Eerst wordt de aanpak verder uitgewerkt en inzichtelijk gemaakt voor omwonenden en andere belangstellenden.

Ook wordt bekeken hoe het beheer met foto’s en mogelijk video kan worden gedocumenteerd. Zo kan worden vastgelegd welke keuzes worden gemaakt, hoe de werkzaamheden worden uitgevoerd en hoe de houtwallen zich in de jaren daarna ontwikkelen. De opgedane kennis kan ook van waarde zijn voor andere beheerders en eigenaren van oude hakhoutelementen.

Doel

“Het doel is om zowel de cultuurhistorische als de ecologische waarde van deze houtwallen ook voor de toekomst te behouden,” besluit Pohlmann. “Dat vraagt om een zorgvuldig onderbouwde aanpak én om goede uitleg aan de omgeving. Daarom nemen we daar nu eerst meer tijd voor.”